Home » Interview » Carine Philipse: “Mystiek leidt tot betrokkenheid bij alles wat leeft”

Carine Philipse: “Mystiek leidt tot betrokkenheid bij alles wat leeft”

“Een ervaring van eenheid met de kern van al wat is, een mystieke ervaring, kun je zelf niet tot stand brengen. Het overkomt je. Maar je kunt er wel ruimte voor scheppen, door te bidden, te mediteren”, zegt Carine Philipse, ziekenhuispastor en oprichter van Dutch Foundation for Mysticism, over deze ervaring en over de gesprekken met haar atheïstische broer Herman Philipse.

Door Cees Veltman

Veel mensen hebben wel eens een ‘eenheidservaring’ gehad, maar u zegt dat u in 2003 daardoor een mystieke doorbraak beleefde. Is zo’n eenheidservaring te beschrijven?

“In een eenheidservaring ga je op in iets, dat groter is dan jij. Als je in de natuur bent en je echt openstelt voor alles wat je daar ziet, hoort, ruikt, voelt, kun je momenten hebben dat je jezelf vergeet en helemaal opgaat in dat grotere geheel. Dan ben je er als het ware even niet meer als ‘ik’, met al je gedachten, grote en kleine zorgen, doe-lijstjes enz. Of als je voor een schilderij staat en daar zo door getroffen wordt, dat je er helemaal in opgaat. Zoals mij overkwam, de laatste dag dat het Rijksmuseum nog open was, en ik voor ‘Het Joodse Bruidje’ van Rembrandt stond. Wat een ontroerend schilderij! De liefde, die die twee mensen voor elkaar voelen, spat ervan af! Ik ben daar zeker een kwartier naar blijven kijken, ik kon er niet genoeg van krijgen. De ervaring was zo sterk, ik had het gevoel dat ik samenviel met wat ik zag. Dat kun je ook ervaren bij muziek waar je veel van houdt. Je vergeet alles om je heen.”

Is er een overeenkomst met mystieke ervaringen?

Ja, zo is het ook bij een mystieke ervaring. Je voelt je aangeraakt door iets dat groter is dan jij, en dat tegelijkertijd je eigen diepste kern is. En van ieder mens, dier, plant, rotsblok, de zee. In alles is dat de kern. Als je zo’n ervaring hebt van aangeraakt worden door iets dat groter is dan jij, kun je er zo in opgaan, dat je als het ware samenvalt met dat ‘iets’. Je ‘ik-besef’, het gevoel iemand te zijn met een afzonderlijke identiteit, kan dan zelfs wegvallen. Er is alleen nog maar eenheid. Dat zie je in alle mystiek uit alle levensbeschouwingen, in Oost en West, drieduizend jaar geleden en nu nog steeds. Ook bij mij gebeurde dat. Ik beschrijf dat in mijn boek: Jij zingt in mij Jouw naam, mystiek dagboek.

Dat ‘iets’, dat groter is dan jij, en dat toch je eigen diepste kern is, kun je ‘God’ noemen, of ‘Bewustzijn’, het ‘Al’, de ‘Ene’, het ‘Onnoembare’, maar er is geen enkel woord of beeld dat echt past. Woorden en beelden kunnen er alleen maar naar verwijzen. Daar lopen alle mystici in alle eeuwen en levensbeschouwingen ook telkens weer tegen aan. Aan de ene kant willen ze die diepste werkelijkheid in alle toonaarden bezingen, maar aan de andere kant realiseren ze zich steeds opnieuw dat elk woord tekortschiet.

Alle woorden en beelden komen van ons, mensen, en kunnen alleen maar iets uitdrukken van de werkelijkheid die wij kunnen zien, horen, ruiken, dus met onze zintuigen kunnen waarnemen. Daarom zegt Meester Eckhart (1260-1328) ook: ‘Van God wil ik zwijgen.’ Al die woorden en beelden blijken uiteindelijk van voorbijgaande aard.”

“’Gods’ heilige namen zingen, doe ik al heel lang”

Kun je zo’n eenheidservaring zelf oproepen?

“Zo’n ervaring van eenheid met de kern van al wat is, een mystieke ervaring, kun je zelf niet tot stand brengen. Het overkomt je. Maar je kunt er wel ruimte voor scheppen, door te bidden, te mediteren, ‘Gods’ heilige namen te zingen. Dat doe ik zelf al heel lang, al vanaf de tijd dat ik midden twintig was, en die ervaringen van eenheid had ik toen ook al. Maar op 1 januari 2003 heb ik zo’n krachtige ervaring van eenheid gehad, dat mijn perspectief daardoor voorgoed verschoven is.”

Gebeurde dat zomaar ineens? Of was er een aanleiding?

“Je ziet vaak dat dat soort ervaringen mensen overkomen in of vlak na een crisissituatie. Dat was bij mij ook zo. In 2001 bleek mijn huwelijk mis te zijn. Dat was een grote schok voor mij. Ik had er veel verdriet van. En daarbij had ik ook nog het gevoel dat alle zekerheden uit mijn leven waren weggevallen. Want economisch ging het niet goed; we kregen een brief van het ziekenhuis waar ik werkte als pastor, dat er nog meer bezuinigd moest worden, na alle vorige bezuinigingen. Dat trof ook de Dienst Geestelijke Verzorging.

Op een gegeven moment liep ik door een van de gangen van het ziekenhuis en plotseling had ik het gevoel dat ik in een peilloos diepe ruimte viel. De eerste seconde was er angst, en probeerde ik me nog wel ergens aan vast te houden, maar dat kon niet. Er was alleen nog maar vallen. En toen kwam het besef op: ‘Er is niets waar ik me aan vast kan houden. Er is alleen maar het nu, dit ene moment.’ Dat was de ultieme bevrijding.”

Hoe ging het verder?

“Vanaf de zomer van 2002 ben ik een maand of drie met ziekteverlof geweest, omdat ik zoveel verdriet had van mijn scheiding, dat ik niet goed meer kon werken. Ik was thuis, in een steeds grotere stilte. Maar in die stilte zong ik elke dag, en steeds weer: ‘De Heer is mijn herder, mij ontbreekt niets.’ Psalm 23. Ik zong dat op een melodie die spontaan in me opkwam. En het besef begon door te dringen: als ik me kan overgeven aan de Herder, in het vertrouwen dat Die mij leidt, ontbreekt mij inderdaad niets, hoeveel verdriet ik ook heb, en hoe het verder ook met mij gaat.
De omgang met de Ene werd zo vertrouwd, dat ik mijn Herder op een gegeven moment ook met ‘Jij’ ging aanspreken. Ik zong: ‘Jij bent mijn herder, mij ontbreekt niets.’ Dat zingen en die ervaring van groeiende vertrouwdheid, maakten mij erg gelukkig, terwijl ik op menselijk niveau nog steeds veel verdriet had. Dat kan dus samengaan.

Na een paar maanden kon ik langzamerhand mijn werk als dominee in het ziekenhuis weer oppakken, wat ik erg fijn vond. En toen, op 1 januari 2003, zat ik aan de keukentafel om mijn kerkdienst voor te bereiden voor Epifanie, de doop in de Jordaan waarbij Jezus een ervaring heeft die ik zie als zijn roepingservaring. Hij ziet de hemel zich openen en de Geest van God als een duif op zich neerdalen, terwijl er een stem klinkt: ‘Jij bent mijn geliefde zoon, in jou vind ik vreugde.’
Ik zat daar met mijn pen in de hand en schreef op wat er spontaan in mij opkwam. Woorden als: ‘Zonder Jou kan ik niets doen, want Jij doet alles. Jij doet mij zingen, Jij zingt in mij Jouw naam. O neem mij, neem mij totaal, laat niets van mij over. Maak alles tot Jou.’ En toen begon het te stromen. Een overweldigende ervaring van eenheid met de Goddelijke liefde, of hoe je datgene waar geen woorden voor zijn, ook wilt noemen. De kern van alles, ook van mij. Naarmate die ervaring verder ging, was ik er zelf als ‘ik’ steeds minder. Aan het eind was er een totaal opgaan in het Ene dat Alles is.

Toen ik weer tot mezelf kwam, was er een gevoel van grote dankbaarheid en totale overgave aan die werkelijkheid waar geen woorden voor zijn. En het verlangen dat die werkelijkheid voortaan mijn totale leven zou bepalen. Ik had een heel sterk gevoel van vrede met alles wat er in mijn leven gebeurd was. Het besef: hier is mijn leven voor bedoeld, hier heeft het toe geleid.”

Hoe is daarna uw boek ontstaan?

“Gedurende die ervaring had ik alles opgeschreven, voor zover dat mogelijk is. Daarna is er een krachtig mystiek proces gevolgd. Elke dag schreef ik op wat er gebeurde. Tijdens het gebed schreef ik, midden in de nacht schreef ik. Soms werd ik wakker met een lied dat in mij opkwam. Dan zong ik dat even in op een recordertje.
Met veel aarzeling heb ik de neerslag van die ervaring van 1 januari laten lezen aan een collega met wie ik gesprekken voerde over de geestelijke weg. Hij zei: ‘Dit is mystieke liefdespoëzie’, en drong erop aan dat ik dit zou publiceren. Maar dat was me veel te intiem. Pas tien jaar later, tijdens een grote crisis met mijn gezondheid, heb ik het toch gedaan. Want ik dacht: anders kan het misschien niet meer.
Die ervaringen van eenheid hebben geleid tot een sterk besef van eenheid met de Goddelijke werkelijkheid, die de kern van alles is. Dus ook van mij. Dat besef gaat nooit meer weg en is de dragende bodem van mijn bestaan geworden. Ook als ik er bij vlagen wat minder mee bezig ben.”

Hoe werkt die mystieke doorbraakervaring nu nog door?

“Het dagboek leidde tot een publiciteitsgolf. Daar was ik helemaal niet op bedacht, dus ik werd er nogal door overdonderd. Bijzonder was, dat ik veel reacties kreeg van mensen die schreven dat ze zich door mijn boek geïnspireerd voelden. Soms schreven ze, dat ze zelf ook mystieke ervaringen hadden gehad, waar ze tot nu toe met niemand over hadden kunnen of durven praten. Die brieven en e-mails kwamen van mensen uit alle hoeken van binnen en buiten de kerken, en ook van mensen met andere levensbeschouwelijke achtergronden dan het christendom.

Dat heeft ertoe geleid dat ik in 2017 een stichting heb opgericht voor mystiek uit alle levensbeschouwingen, dus ook alle religies: Dutch Foundation for Mysticism. De stichting is een ANBI, (Algemeen Nut Beogende Instelling), dat betekent onder andere dat donaties aftrekbaar zijn. Vorig jaar hadden we ons eerste symposium, in Utrecht, met 180 enthousiaste mensen. De titel was: ‘Mystiek en maatschappij.’
Dat brengt mij op iets wat ik erg belangrijk vind: mystiek leidt naar mijn gevoel onontkoombaar tot betrokkenheid bij alles wat leeft. Want als je in alles en iedereen die Diepste Kern ziet, de Liefde, de Goddelijke Aanwezigheid, leidt dat tot een diepe solidariteit. Je kunt het niet verdragen dat de rechten van mensen geschonden worden, dat dieren worden mishandeld en dat de natuur wordt uitgebuit en vernietigd.

Je ziet dan ook dat mystici zich door de eeuwen heen hebben ingezet voor andere mensen, door te zorgen voor zieken, mensen die in armoede leven, door op te komen voor sociale rechtvaardigheid, voor vrede, geweldloosheid. En ze kwamen op voor de dieren en de natuur. Jezus zei: ‘Wat je voor mensen hebt gedaan die ziek zijn, honger hebben, in de gevangenis zitten, armoede lijden, heb je voor mij gedaan.’ Dat is een kernthema in alle religies en levensbeschouwingen.”

Wat is het doel van uw stichting?

“Onze stichting wil mensen existentiële en mystieke verdieping bieden, bijvoorbeeld door symposia te organiseren, samen teksten te lezen van mystici uit alle levensbeschouwingen en retraites te organiseren. Wij willen mensen met verschillende levensbeschouwelijke achtergronden met elkaar in contact brengen. Dat vinden we belangrijk, juist in deze tijd waarin we met mensen uit zoveel verschillende levensbeschouwingen één samenleving vormen. En we willen het verband tussen mystiek en maatschappelijke betrokkenheid, sociale rechtvaardigheid, bescherming van de natuur, onder de aandacht brengen.
Op dit moment zijn wij bezig een kader op te bouwen van mensen die willen helpen de stichting ook naar de toekomst toe vorm te geven. Wie wil, kan met ons meedenken en -doen. Zelf ben ik, op verzoek van veel mensen, bezig met een volgende, uitgebreide editie van mijn boek. Daar komen ook ongeveer zestig liederen bij, die net zoals de teksten uit mijn dagboek spontaan in me opkwamen. Dat project valt ook binnen de doelstelling van de stichting.”

“We hebben allemaal een bepaalde levensbeschouwing, of we ons daarvan bewust zijn of niet”

Wat verklaart het succes van de stichting?

“Ik heb het gevoel dat er weer meer behoefte is aan existentiële verdieping. Dat kan tot bezinning leiden op de vraag vanuit welke waarden we willen leven. Mensen durven ook weer meer voor die behoefte uit te komen, en hun ervaringen op dat gebied met elkaar te delen. Dat thema is lange tijd ondergesneeuwd geraakt in West-Europa. Levensbeschouwing was iets voor achter de voordeur. Ook in de politiek heerste dat standpunt. Nu ziet men langzamerhand, dat dat idee niet vol te houden is. Want in onze maatschappij zijn er grote groepen mensen voor wie hun levensbeschouwing heel belangrijk is. En die de waarden waarop zij zich baseren, daaruit afleiden.

Eigenlijk geldt dat voor iedereen; we hebben allemaal een bepaalde levensbeschouwing, of we ons daarvan bewust zijn of niet, en we leiden de waarden van waaruit we leven daaruit af. Als we een inclusieve maatschappij willen hebben met ons allen, waarin iedereen zich gezien en gehoord kan voelen, zullen we het gesprek met elkaar moeten aangaan, ook op dat vlak. De stichting wil daarin graag een faciliterende en dienende rol spelen, door mensen met verschillende levensbeschouwingen met elkaar in gesprek te brengen, met als focus existentiële verdieping en de sociale betrokkenheid die daaruit voortkomt.”

U ziet mystiek als de kern van alle godsdiensten?

“Ja, breder nog, als de kern van alle levensbeschouwingen. De ervaring van aangeraakt worden door iets dat groter is dan wij, en dat toch onze diepste kern is. Die ervaring van éénheid zien we in alle levensbeschouwingen, ook in de niet-religieuze. Die ervaring is de oorspronkelijke inspiratiebron. Maar vaak is die later ondergesneeuwd geraakt doordat mensen er een systeem van gemaakt hebben met allerlei dogma’s en stellingen, uit behoefte aan vastigheid. Dan stolt de inspiratie en treedt er verstarring op. Daarom is het goed als er mensen zijn die kritische vragen durven te stellen en de boel opschudden. Dan komt er weer lucht in het geheel. De theoloog Harry Kuitert was zo iemand.”

Hoe bent u, behalve door de eenheidservaring in 2003, nog meer zo geconcentreerd geraakt op de kern, op het wezenlijke van het leven?

“Vanaf mijn twintigste heb ik veel ellende met mijn gezondheid gehad. Veel pijn ten gevolge van een ongeluk, waarbij ik mijn nek gebroken heb. Altijd forse hoofdpijn, en ook nog keihard oorsuizen dat harder wordt bij geluid. Dus het idee, dat ik het leven in de hand zou hebben, en dat het leven maakbaar zou zijn, heb ik eigenlijk nooit zo gehad. Die kwetsbaarheid, en het gebrek aan energie dat ik door de pijn vaak had, zorgden ervoor dat ik erg geconcentreerd raakte op de kern. Dus op het wezenlijke, dat wat er echt toe doet. Dat leidde tot acceptatie van alles dat is zoals het is, en steeds weer tot overgave aan de bron van Liefde. Ook vanuit mijn machteloosheid. Ik kon eigenlijk maar één kant uit. Al die ellende heeft mij dus altijd de enige juiste richting gewezen. Dat is iets, om heel dankbaar voor te zijn. En behalve dat, heb ik in mijn werk als ziekenhuispastor vanaf het prille begin samen met mensen diepgaand mogen beleven hoe die kern, die bron van Liefde, ons draagt. Te midden van hoop, angst, leven en dood.”

Heeft u positieve ervaringen met gesprekken met uw broer Herman Philipse die zich atheïst noemt? Zou u in plaats van zijn ‘Atheïstisch Manifest’ een ‘Mystiek Manifest’ kunnen schrijven?

“Met Herman praat ik over hoe het met ons allebei gaat. Dus niet zozeer over dit onderwerp.
Mijn broer heeft er veel plezier in, collega’s van mij uit te dagen om te bewijzen dat ‘God’ ‘bestaat’. Eerlijk gezegd vind ik dergelijke discussies zinloos. In de eerste plaats: wat bedoel je met het woordje ‘God’? Iemand die aan de touwtjes trekt? Dat is maar een beeld, en zoals ik het zie, ook een verouderd beeld. En wat bedoel je met ‘bewijzen’, en met ‘bestaat’?

De ‘diepste kern van de werkelijkheid’ zie ik in alles. Ook in de liefde van mensen voor elkaar. Daar zou je eventueel het woordje ‘God’ op kunnen plakken. Maar hoe je dat noemt, is niet echt belangrijk, want er is toch geen enkel woord of beeld dat dat Geheim onder woorden kan brengen. En langs wetenschappelijke weg willen bewijzen dat dat bestaat, of niet bestaat? Dat is net zo absurd als wanneer je wetenschappelijk wilt bewijzen dat liefde bestaat. Of schoonheid. Dat is toch iets wat je ervaart? En als je dat één keer ervaren hebt, dan wéét je dat het bestaat.
Wetenschap en religie spelen zich af op verschillende belevingsniveaus en in verschillende taalvelden, en kunnen dus goed naast elkaar bestaan. Ze bijten elkaar niet. Als ik bijvoorbeeld zing: ‘Christus is gestorven, begraven, en op de derde dag opgestaan’ – wat in veel Paasliturgieën gezongen wordt – geloof ik ook niet dat dat letterlijk, dus historisch gezien, zo gebeurd is. Maar ik beleef wel, dat dat op een diep niveau iets wezenlijks zegt. En in die zin ‘waar’ is. Voor mij betekent het, dat de Goddelijke liefde ons altijd vasthoudt, en dat we nooit verloren kunnen gaan, ook niet in de diepste duisternis, en ook niet als we sterven. Dat is in deze coronatijd iets waar veel vertrouwen en troost van kan uitgaan.
En of ik een ‘Mystiek Manifest’ zou willen schrijven? Leuk idee, maar ik denk niet dat dat kan. Mystiek uit zich niet in stellingen en bewijzen. Het is iets, dat je ervaart. Dus ik maak liever mystieke liederen, die komen spontaan in mij op.”

“Iedere crisis is een kans voor bezinning”

Hoe kijkt u tegen de coronacrisis aan?

“Het is natuurlijk verschrikkelijk dat deze crisis aan zoveel mensen het leven kost. Dat gaat aan alle andere overwegingen vooraf. Misschien kunnen we hen het beste eren door te beseffen dat iedere crisis een kans is voor bezinning en bewustwording. Voor verdieping. Een crisis kan tot een doorbraak leiden op veel gebieden. Maar cruciaal is, hoe wij met zo’n crisis omgaan.

Deze crisis confronteert ons met de kwetsbaarheid en de eindigheid van ons leven. Dat leidt tot bezinning over kernvragen als: wat is de bedoeling van mijn leven? Of meer religieus gezegd: wat is Gods bedoeling met mijn leven? En leef ik volgens die bedoeling? Leef ik vanuit mijn diepste kern? Komt die tot uiting in wat ik zeg en doe, en ook in wat ik niet zeg en doe? Ik ben ervan overtuigd, dat onze diepste kern de Liefde, het Licht, de Goddelijke aanwezigheid is. Of hoe je dat ook onder woorden brengt. Als je vanuit die kern leeft, voel je je diep verbonden met alles wat leeft. Want in alles wat leeft, zie je diezelfde kern. Alleen de vorm, waarin die zich uit, verschilt. Een mens, een dier, een bloem, een regendruppel.

Als je op dat niveau kijkt, kijk je veel dieper dan het ego. Zolang we op Aarde leven, hebben we het ego, het zogenaamde ‘kleine ik’, ook nodig. Simpelweg al, om ons dagelijks leven te organiseren. Dat we een dak boven ons hoofd hebben, en in onze dagelijkse levensbehoeften kunnen voorzien. Maar als het ego allesbepalend wordt, als we leven vanuit een gevoel van tekort, en vanuit het idee dat we vooral moeten concurreren in plaats van samenwerken, missen we de diepte van het leven. Want op het diepste niveau zijn we één lichaam, en diep met elkaar verbonden. Broeders en zusters. We zijn allemaal een vorm, waarin de Liefde, de Goddelijke werkelijkheid, zich uit.”

Wat voor effect heeft het, als je dat beseft?

“Dat brengt een diep gevoel van solidariteit met zich mee. En als dat weer een kernwaarde wordt, zal dat onze samenleving veranderen. Om te beginnen in Nederland zelf. Wat zijn de kernwaarden waarop wij onze samenleving willen baseren? Waarom klappen we wel voor onze verpleegkundigen, maar verdient een bankdirecteur vele malen zoveel? Als we onze gezondheid en het behoud van de kwaliteit van ons leven zo belangrijk vinden, waarom tolereren we dan, dat er al tientallen jaren bezuinigd wordt op de gezondheidszorg? En dat het geld dat eraan besteed wordt, niet beter verdeeld wordt?
Een crisis legt de zwakke plekken in een samenleving bloot. Vergeleken met andere landen in Europa hebben wij zeer hoge salarissen voor medisch specialisten, maar er zijn er veel te weinig. De wachtlijsten zijn navenant. We hebben per 1000 inwoners veel minder ziekenhuisbedden en plaatsen op de IC dan de meeste andere landen. Willen we dat zo houden? Nee toch?

De kwaliteit van een beschaving kun je aflezen aan de manier, waarop met de meest kwetsbare mensen wordt omgegaan. En ook met bijvoorbeeld de natuur en het klimaat, die ook erg kwetsbaar en kostbaar zijn. Datzelfde geldt voor kunst en cultuur. ‘Alles van waarde is weerloos’, zoals Lucebert zei. Daarom is bezinning op de kernwaarden in onze maatschappij, en hoe we die vorm willen geven, erg hard nodig. En dat moet vertaald worden in beleid.
Het lijkt mij essentieel, dat wij als samenleving duurzamer gaan leven. Meer gericht zijn op de kwaliteit van ons leven, en minder op consumeren. Het is hoog tijd, dat de prioriteit niet meer de groei van de economie is, ook als dat ten koste gaat van het klimaat, lagelonenlanden en de natuur wereldwijd. Deze crisis is één grote wake-up call. Voor ons allen persoonlijk, en ook voor onze samenleving.”

Carine Philipse, Jij zingt in mij Jouw naam, mystiek dagboek, Discovery Books, Carmelitana, 335 blz., € 18,00.

info@dutchfoundationformysticism.nl.

 

 

 

Print Friendly, PDF & Email

1 reactie

  1. Vanuit de Franciscaanse spiritualiteit en verdere zingeving als ‘pelgrim’ in letterlijke en figuurlijke zin een ‘ontdekkingstocht’ gevolgd met ‘ontmoetingen’ van filosofie, psychologie en vervolgens ‘mystiek’ o.a. Meister Eckhart. Over deze ontdekkingstocht heb ik vele ‘autobiografische thema-verhalen’ geschreven. Op dit moment ben ik op een ‘missie’ in Vietnam om het gezin van mijn jongste zoon te ondersteunen en schrijf opnieuw themaverhalen over mijn ‘verwondering’ als ervaringen.

    Een aantal malen zijn mij de ‘ervaringen’ uit het artikel ook overkomen, o.a van 10/11 maart j.l. vlak voor mijn vertrek naar Vietnam, vanwege onzekerheid van het wel of niet doorgaan vanwege ‘Corona’, Bij het langzaam wakker worden overkwam mij dat gevoel met als laatste ‘yes, ik ga’. Door corona is mijn aanvankelijke terugvlucht op 9 april j.l. komen te vervallen, vandaar mijn verblijf hier nog steeds. Op zich ook al een dergelijke ervaring en ook van ‘betekenisgeving’. Het overkomt mij allemaal als seniore man in een jong gezin van mijn jongste zoon Thijs (1984), Milou (1985), Biente (2013), Joep (2016) en op 6 mei 2020 j.l. dochter Peike geboren. Door mijn eerder genoemde ontdekkingstocht met de ‘ontmoetingen’ ben ik nu in staat om ‘laverend en meanderend’ de herkenbare generatieverschillen redelijk goed te doorstaan. Het voelt als een studie, die ik tot nu toe met goed gevolg ga afronden in juni a.s.is de planning.

Geef uw reactie

Uw emailadres wordt niet gepubliceerd.Verplichte velden zijn gemarkeerd *

 tekens beschikbaar

*