Home » Columns » ‘Diep’-leerling zijn

‘Diep’-leerling zijn

Soms moet een leraar leerling zijn en een hoogleraar dus ‘diep’leerling. Bijvoorbeeld als het eigen lijf getroffen wordt door intense pijn. Je leert dan en moet “aangezegd krijgen”, zegt Erik Borgman, “dat God dit niet gewild kan hebben.” Op zo’n moment kun je leren wat je reactie dient te zijn op lijden van anderen: meedragen, meehopen, ook als het niet overgaat. Degenen die Jezus in hun eigen leven willen navolgen, zijn geroepen steeds opnieuw te laten zien – ook aan henzelf – dat er altijd perspectief is, want dat spreekt niet vanzelf. 

Door Erik Borgman

Ik heb last van mijn rug. Dat is geen klacht, al is het verre van aangenaam. Het is allereerst een uiting van dankbaarheid-met-terugwerkende-kracht. Want als je iets hebt, realiseer je je dat je meestal niets hebt. Dat je nooit ziek bent, vrijwel nooit klachten hebt en doorgaans kunt doen wat je wilt of wat je meent te moeten doen en je zo dus nuttig en dienstbaar kunt voelen. De moeite die je hebt om je tijdelijke beperkingen te accepteren is de maat van het geluk dat je gedurende de rest van de tijd ten deel valt.

Uitputtend

Maar invloed heeft het wel – zeg maar gerust impact! Als je pijn hebt en je voortdurend voorzichtig moet zijn, als je over elke beweging nadenkt en je afvraagt of die wel nodig is, keer je naar binnen. Je wereld wordt kleiner, want reizen is lastig. Het openbaar vervoer is al niets, maar autostoelen lijken wel gemaakt om mensen met rugklachten hun ongemak nog eens flink in te peperen. Fietsen schijnt goed te zijn voor je rug, maar kom een herenfiets maar eens op! En slapen? Ik slaap slecht want ik kan niet goed liggen. En dat put uit.

In het donker

Ik mocht afgelopen jaar met Kerstmis preken, en ik preekte op de eerste zondag van dit jaar, het feest van Epifanie, de Openbaring van de Heer – of populair: Driekoningen. Mijn kerstpreek was opvallend donker, vond iemand. En mijn preek met Epifanie gaf een helder perspectief. Hij suggereerde dat het te maken had met mijn rugpijn. Daar had ik inderdaad tot en met kerstmis behoorlijk last van. Na oud en nieuw ging het een stuk beter.

Wie dat zou willen kan zijn eigen oordeel vellen: de kerstpreek is hier   en de epifaniepreek is hier  te lezen. Inderdaad benadrukte ik dat kerst geen feelgoodfeest is. We vieren dat God naar ons is afgedaald, tot in onze duisternis: de duisternis van de wereld en de duisternis van ons hart en onze ziel. Alle reden voor feest, maar die reden is alleen maar duidelijk als je bedenkt dat het een feest is in een wereld vol bedreigingen.

Openbaring

Het is ons het afgelopen jaar weer flink moeilijk gemaakt ons dat niet te realiseren. Kerstmis is in deze situatie geen feest van gordijnen dicht en even doen of alle gevaar en pijn en duisternis er niet zijn. Kerstmis is het feest dat zegt dat God te midden van het gevaar, de pijn en het duister onder ons is. En dat dit reden is tot feest.

Met Epifanie probeerde ik duidelijk te maken dat wat ons in Jezus geopenbaard wordt, niet van een ondoorgrondelijke God een gekende God maakt. God blijft ondoorgrondelijk in de zin van ‘elk ogenblik nieuw’, om met de titel te spreken van het boeklang interview dat Edward Schillebeeckx ruim vijfendertig jaar geleden gaf. Echt nieuw. Maar God laat zich werkelijk kennen door zich met ons te verbinden en nodigt ons uit zich met hem te verbinden. Als wij dat doen, spreekt alles van God.

Jazeker, zelfs rugpijn. Als je die hebt weet je zeker dat God dit niet gewild kan hebben. Maar precies dat is dan wat ik aangezegd moet krijgen. Dat de reactie op pijn van anderen dus niet behoort te zijn: tja, shit happens, het is zoals het is, deal with it. Maar dat ik geroepen ben met anderen te hopen dat de pijn verdwijnt, van welke soort deze pijn ook is. Om er met hen onder te lijden als dat niet gebeurt. En als zij zelf niet meer kunnen hopen of zelf niet meer lijken te kunnen lijden, dat ik het plaatsvervangend voor hen moet doen.

Het goddelijk perspectief op het leven

Maar toegegeven, dat gaat je gemakkelijker af als je het idee hebt dat die hoop voor jouzelf bezig is uit te komen.

Als ik dit schrijf zijn we nog weer een zondag verder. De eerste zondag ‘door het jaar’, maar dan viert de Rooms-Katholieke Kerk dat Jezus zich door Johannes in de Jordaan laat dopen. Bekeert u, had Johannes gepreekt, keer je af van het kwade waardoor je je steeds maar mee laat slepen. Aan deze uitnodiging geeft Jezus gevolg, maar Hij wordt tevens degene die zichtbaar maakt waar we ons dan naartoe moeten keren. Hij is Gods Zoon, zegt een stem uit de hemel, degene die het goddelijke perspectief op het leven onder ons representeert.

Dat is Hij zijn hele leven, inclusief zijn tragische afloop. Ik had het kerstdrieluik wel vol willen maken door ook op deze zondag te preken. Waarschijnlijk had ik gezegd dat er dankzij Jezus’ gang door het doopwater altijd perspectief is en dat degenen die Jezus in hun eigen leven willen navolgen, geroepen zijn dit steeds opnieuw te laten zien. Ook aan henzelf.

Onderaan beginnen

Want vanzelf spreekt het niet. Mijn rugpijn is na een korte periode van verlichting weer flink terug. Ik weet dat het ook wel weer over gaat, maar het kost moeite dat ook steeds echt te geloven. Laat staan dat het mij steeds lukt dit geloof van harte en met enthousiasme uit te drukken.

Dus kijk ik naar en denk ik aan anderen. Anderen die echte pijn hebben en al jaren lang. Bij wie alles altijd moeite kost en die nooit even zomaar kunnen doen wat ze willen of denken te moeten. Die geen perspectief hebben op verbetering om zich mentaal aan op te trekken. En die elke dag het leven aangaan.

Leraar zijn betekent ook dat je weet wanneer je even leerling moet zijn. Hoogleraar zijn zal dan zoiets betekenen dat je moet weten wanneer je diepleerling moet wezen. Onderaan beginnen en gaan in het spoor van Gods veelgeliefde kinderen.

Print Friendly, PDF & Email

2 reacties

  1. Marianneke Beurskens

    Foutje, in de tekst staat komische geest, maar moet kosmische geest zijn.

  2. Marianneke Beurskens.

    Geachte heer Borgman,

    Ik zie in uw schrijven dat u plaatsvervangend wilt zijn voor hen die lijden.
    Dit lijden hoeft u niet op u te nemen, dat is wat aan de hoogmoedige kant.
    In Zijn Lijden heeft Jezus zich eens en altijd met hen verbonden die lijden.
    Dat geldt voor verleden, heden en toekomst en we hoeven Jezus niet te kopiëren.
    Maar wij mogen Jezus niet imiteren in Zijn lijden, maar we zijn wel geroepen te delen in Zijn compassie met de lijdenden.
    Daarbij schrijf ik dit omdat ik van geboorte af aan al rugklachten heb en veel pijn.
    Grote operaties gehad in het gips gelegen en elke zomervakantie in traxie, gewichten aan hoofd en voet.
    Nu is mijn wereld erg klein, maar geestelijk reis ik door prachtige studies, o.a. Theologie, filosofie en kunstgeschiedenis en behoor tot de groep leken theologen.

    Ik zou zeggen, ben dankbaar voor de tijd die u nu even krijgt, want die rugklachten brengen u naar een andere dimensie, geen diepe dimensie, maar naar een hogere dimensie, dichter bij God.
    In de esoterische oorspronkelijk godsdienst zegt Jezus aan het kruis de volgende kruiswoorden ‘ Eli, Eli, Lama Asaftani God Mijn God wat ben ik verheerlijkt, en hij gaf de geest. i.p.v. Eli Eli Lama Sabachtani mijn God, mijn God wat hebt Ge mij verlaten en hij gaf de geest.
    Met Asaftani gaf Hij ons Zijn komische geest waardoor we in het lijden verder kunnen, met Sabachtani voelen we ons verlaten door God, dor en dit klopt niet.

    Veel beterschap gewenst.

    Marianneke Beurskens

Geef uw reactie

Uw emailadres wordt niet gepubliceerd.Verplichte velden zijn gemarkeerd *

 tekens beschikbaar

*