Home » Mijn boek » Els Thissen: “Geloof mij niet, proef zelf de aardbei”

Els Thissen: “Geloof mij niet, proef zelf de aardbei”

“Zoek het geluk niet buiten jezelf, maar in je eigen hart. Dat leert Toni Roberson mij in haar boek ‘De diamant in jezelf’”, zegt de juriste Els Thissen, nu coach van de Stichting Centrum voor Attitudinal Healing in Epen. Zij geeft er lezingen en workshops over. “Het hart wil uiteindelijk niks anders dan verbinding.”

Door Cees Veltman

Els Thissen

“Een doortrapte diamantendief wilde alleen de schitterendste edelstenen stelen. Op een dag zag hij een bekende diamanthandelaar een steen kopen waarop hij zijn hele leven had gewacht. Hij reisde hem dagenlang per trein na en probeerde hem steeds de steen te ontfutselen. Elke keer tevergeefs.  Bij het verlaten van de trein hield hij het niet meer uit en bekende de handelaar alle trucs te hebben uitgehaald om de edelsteen te vinden: ‘Vertel me alstublieft hoe u de diamant voor me verborgen hebt gehouden.’ De handelaar gaf zijn geheim prijs: ‘Ik heb de diamant verstopt op een plek waar u hoogstwaarschijnlijk niet zou zoeken: in uw eigen zak.’ Hij stak zijn hand in de zak van de dief en haalde de diamant tevoorschijn.

Dit verhaal in ‘De diamant in jezelf’ vat het boek mooi samen. Het is je eigen hart dat de kern van je wezen vormt en die hoef je dus niet buiten jezelf te zoeken. Elke stap die je zet om het ergens te vinden, impliceert dat het niet al hier zou zijn waar je nu bent. Ontdek simpelweg de stralende weelde van je ware aard. Door stil te zijn in louter aanwezigheid, voorbij verstand en ego, kun je tot de kern van je wezen komen. Daar zijn vrede, waarheid en volmaaktheid oneindig aanwezig.

Dat leerde Toni Roberson van haar Indiase leermeester Sri Poonjaji die zij in 1990 ontmoette. Hij wist haar rusteloze geest na ongelukkige jeugdjaren stil te laten worden en gaf haar de naam Gangaji. Verwijzend naar de rivier de Ganges, waar zij elkaar waren tegengekomen. Op haar beurt nodigt Roberson ons uit te stoppen met alles wat ons van de waarheid weghaalt, met het oordelen en het steeds maar gelijk willen hebben. Zo kunnen we rechtstreeks en uit eigen ervaring de diamant in onszelf ontdekken.

“Geen eyeopener maar hartopener”

Ik heb ‘De diamant in jezelf’ met haar vriendelijke, simpele, liefdevolle en mededogende woorden ontdekt nadat ik de ‘Cursus in Wonderen’ achtmaal had gedaan. Het boek sluit daar prachtig op aan. Je kunt over de teksten zoveel discussiëren als je wilt, maar het gaat in de eerste plaats om de ervaring. Als een leraar tegen mij zegt: aardbeien zijn lekker, wat moet ik daar dan mee? Daar heb ik niks aan. Ik moet ze zelf proeven. Bij lezingen en workshops zeg ik altijd: geloof mij niet, proef zelf de aardbei.

‘De diamant in jezelf’ spreekt me recht in mijn hart aan. In al z’n eenvoud valt de boodschap niet te ontkennen. Als je open staat voor iets nieuws, kom je er niet langs. Het is niet zo zeer een eyeopener voor me maar een hartopener. Ik heb een cursus gegeven in Afrika en het leek wel alsof de mensen daar hun hart veel meer ‘on top’ hebben. Ze hadden een enorm verlangen naar vrede en in liefde leven. Hier in het Westen hebben we geen oorlogen meer, maar in zekere zin blijven we oorlog voeren tegen elkaar, de dieren en de natuur. Alles lijkt bij ons via het denken te gaan. Als je wantrouwig ingesteld bent, als je denkt: zo simpel kan het leven niet zijn, dan zul je ook dit boek wantrouwen. Maar als het wantrouwen eraf is, ontdek je: dit gaat over mij, over mijn eenheidshart. Het boek is een weldaad. Het sluit de oorspronkelijke boodschap van religies in, de nadruk leggend op verbinding. Het is niet de boodschap van kerkelijke instituten die de nadruk leggen op schuldbesef. Kerken grossieren vaak in schuld, terwijl Jezus dat niet deed.

Ik vraag me niet meer af waar dat idee in kerken vandaan komt. Ik bemoei me er niet meer mee, maar ik doe wel al heel lang cursussen met religieuzen. Dat is fantastisch om mee te maken. Sommigen zeggen: ‘Els, ik ben er nog niet aan toe mijn beeld van God los te laten.’ Anderen: ‘Ik verlaat de kerk niet, ik blijf in het klooster want ik wil bij mijn medebroeders zijn, maar dat gedeelte in het ‘Onze Vader’ over zonde en schuld sla ik nu over, dat bid ik niet meer want dat klopt gewoon niet.’ Wie ik ook vraag – in de gevangenis of in het klooster – wat zij het liefst willen, het antwoord is steeds hetzelfde: rust, vrede, liefde. Dat heeft te maken met de waarheid van het innerlijk, met de eenheid van het hart. Zou eenheid iets uitsluiten? Zou eenheid zeggen dat iemand er niet bij hoort? Nee, eenheid is inclusief. Daarom is dit boek ook actueel in de discussie over integratie nu mensen worden buitengesloten: jij hoort erbij en jij niet. Afgescheidenheid is een enorm pijnlijke kwestie. Het gevoel niet bij je familie of bij je land te horen, is afschuwelijk. In de kern van het lijden openbaart zich echter de parel van wat echt is, de parel die jij bent, zegt Gangaji.

Natuurlijk: als je vinger tussen de deur zit, haal hem er dan alsjeblieft uit. Denk niet: als ik veel lijd, ga ik veel ontdekken. Lijden is niet nodig, je kunt gewoon stoppen met lijden. Het punt is dat we op dat moment geen idee hebben hoe we de deur open moeten krijgen. Het lijden kan echter zo’n pijn doen, dat je denkt: ik moet en zal een manier vinden om die deur open te krijgen. Bedenk dan dat het lijden voortkomt uit de behoefte steeds maar weer gelijk te willen hebben. Dat is een vicieuze cirkel. De kentering komt pas bij het besef dat je niet altijd gelijk moeten willen hebben. Dan ervaar je opeens ruimte om je heen. Gelijk en geluk gaan nooit samen. Op het moment dat ik voor geluk kies, gaat mijn gelijk eraan. Dat betekent dat ik voor oplossingen van problemen niet meer naar buiten kijk, maar naar binnen.

Kantelpunt

Ik denk wel dat we op een kantelpunt komen. Het hart wil uiteindelijk niks anders dan verbinding. We zijn natuurlijk al wel met elkaar verbonden, maar we hebben het niet in de gaten. Dat komt door al die negatieve oordelen over elkaar en het idee dat we zo verschillend van elkaar zouden zijn. Kunnen we over onze eigen schaduw heen kijken, daar gaat het om.

Bij broeders van een kloostergemeenschap hadden we het laatst weer over wat er allemaal misgaat in de wereld. De vraag kwam op: stel dat je vermoord wordt, hoe wil je dan herinnerd worden door je vrienden? Als de aardige vent die je was of als iemand die verschrikkelijk vermoord is? Als die aardige vent natuurlijk. Franciscus heeft over goed en kwaad een prachtig gebed gemaakt: ‘Laat mij liefde brengen waar haat heerst, laat mij vergeven wie mij beledigde, laat mij verzoenen wie in onmin leven, laat mij geloof brengen aan wie twijfelt, laat mij waarheid brengen aan wie dwaalt, laat mij hoop brengen aan wie wanhoopt, laat mij licht brengen aan wie in duisternis is, laat mij vreugde brengen aan wie bedroefd zijn.’”

———————-

Gangaji (Toni Roberson), De diamant in jezelf, straal je ware licht uit, 2006, Ankh-Hermes, 209 blz., € 20,-, E-book € 9,99.

Print Friendly, PDF & Email

Geef uw reactie

Uw emailadres wordt niet gepubliceerd.Verplichte velden zijn gemarkeerd *

 tekens beschikbaar

*