Home » Columns » Gebaar van grote betekenis
Achthonderd jaar Franciscus en de sultan.

Gebaar van grote betekenis

Achthonderd jaar geleden, in 1219, reisde Franciscus van Assisi naar sultan al-Malik al-K’mall om te midden van het geweld vrede te stichten. Het beëindigde de kruistochten niet, maar het gebaar leeft tot op de dag van vandaag voort in de herinnering. Het inspireerde velen, misschien ook wel zijn naamgenoot paus Franciscus.

Door Erik Borgman

Middenin de politieke strijd over Jeruzalem spraken paus Franciscus en koning Mohammed VI van Marokko zich niet uit over deze kwestie. Zij gaven echter wel als hun gemeenschappelijke overtuiging te kennen dat het multireligieuze karakter, de spirituele dimensie en de specifieke culturele identiteit van Jeruzalem – oftewel Alqods Acharif, zoals de Arabische aanduiding voor de stad luidt – beschermd en bevorderd moet worden.

Als een Amsterdamse priester praktiserend homoseksueel blijkt te zijn, haalt dat het NOS-journaal. Als een islamitische school van radicalisering wordt beschuldigd ook. Dat paus Franciscus 30 en 31 maart Marokko bezocht, nadat hij in februari al de Verenigde Arabische Emiraten bezocht, en in 2017 Egypte, hoorde ik daar niet. Toch is het in de huidige situatie van de wereld alleen al als gebaar van grote betekenis.

Handkus

Paus Franciscus wordt in zijn standpunt tegenover de islam nogal eens van naïviteit beschuldigd. Zijn meest onroerende gebaar was echter dat hij in de kathedraal van Rabat de hand kuste van Jean-Pierre Schumacher. Deze trappistenbroeder is de enige overlevende van de monniken uit het Algerijnse Tibhirine. Zijn zeven medebroeders, die in de jaren negentig van de vorige eeuw door politieke islamisten werden weggevoerd en vermoord, zijn door de katholieke kerk op 8 december vorig jaar officieel erkend als martelaren.

Zoals de Nederlandse jezuïet Frans van der Lugt in Syrië, zo bleven zij in Algerije, hoewel zij heel goed wisten dat hun leven gevaar liep. Door de hand van broeder Jean-Pierre te kussen, gaf paus Franciscus aan dat hij deze houding als voorbeeldig voor de kerk beschouwt. Dat is niet naïef, dat is je bekennen tot de weg van de geweldloosheid. Ook als die gevaarlijk is.

Geen kwestie van aantallen

Het christendom, zei de paus, in Marokko, is geen kwestie van aantallen. Noch is het een kwestie van het innemen van ruimte, het veroveren van macht, of het aanhangen van een specifieke leer, het toebehoren tot een bepaald heiligdom, het lidmaatschap van een bepaalde etnische groep. Jezus zond ons niet uit om groter in aantal te worden, volgens de paus. Dat is een opmerkelijke uitspraak. Hiermee neemt hij afstand van een visie op missie die lange tijd ook in de rooms-katholieke kerk leefde. Hoewel het Tweede Vaticaan Concilie al afstand nam van het idee dat mensen tot de rooms-katholieke kerk moeten toetreden om gered te worden, bleek het moeilijk om afscheid te nemen van alle aspecten van deze overtuiging. Bijvoorbeeld van het idee: hoe meer bekeringen, hoe beter.

Bloggers beschuldigen paus Franciscus er al van dat hij katholieken zou hebben opgeroepen in het licht van de demografische ontwikkelingen te erkennen dat de islam vroeg of laat de wereld zal domineren. Daarom zouden zij zich maar tot de islam moeten bekeren. Het gaat er de paus natuurlijk veeleer om dat wie getalsmatig wie overschaduwt van slechts weinig belang is. Size does not matter.

Doen wat gedaan moet worden

Je zou verwachten dat deze boodschap de bisschoppen in onze streken de oren zou doen spitsen. Maar ook de websites van de bisdommen besteden weinig of geen aandacht aan de Arabische reizen van de paus. Je zou haast gaan denken dat ze bang zijn voor de boodschap van paus Franciscus in het vliegtuig op de terugreis: dat in plaats van de islam te kritiseren katholieken hun eigen geweten zouden moeten onderzoeken, gegeven het feit dat sommigen de leer van het Tweede Vaticaans Concilie niet accepteren over de vrijheid van godsdienst en de vrijheid van geweten.

Hoe dit ook zij, de roeping van de kerk en van haar individuele leden is het om te allen tijde te doen wat gedaan moet worden. Onder alle omstandigheden moet het geloof verkondigd, de waardigheid van alle mensen zichtbaar gemaakt, de lof van God gezongen en de waarheid aan het licht gebracht worden. Het maakt niet uit met hoevelen dit gebeurt, het is in zichzelf goed. Dat kan ons een hart onder de riem steken. Maar het maakt evenmin uit of het gevaarlijk is, want wat goed is moet gebeuren. Dat kan ons angst aanjagen.

Zijn we misschien wel gewoon te bang geworden om voluit christen te zijn?

Print Friendly, PDF & Email

4 reacties

  1. Dhr. Borgman noemt 4 dingen die elke christen moet doen: ‘t geloof verkondigen, de waardigheid van alle mensen zichtbaar maken, de lof van God zingen, en de waarheid aan ‘t licht brengen. Dat klinkt plausibel, maar schiet toch tekort. De kerk is geen actiegroep of pol. partij, maar ‘n beweging t.b.v. persoonlijke bekering, dag na dag, omdat we zondaars zijn die genade nodig hebben om te leven; sober, maar met vooruitzicht op eeuwig leven bij G’d.
    Veel mensen weten helemaal niet wie/wat God én ‘het geloof’ is. Wat christenen ervan denken te weten, dat jaagt anderen vaak weg vanwege hetgeen hun representanten nu juist verkondigen en vieren: geen Geest van liefde én verantwoordelijkheid; niet Jezus, maar hun eigen ego, theorie én regels, verboden, uitsluiting; en dat alles vermengd met taal, riten, symbolen die vrijwel niemand meer verstaat (vanwege decennialang gebrek aan catechese). Menigeen wordt dáár tureluurs van!
    Had Borgman niet op de 1e plaats moeten stellen dat een christen dagdagelijks de Drieëne G’d en zijn/hun Koninkrijk zoekt, om vanuit de zo steeds inniger eenwording/vereniging met zijn/haar G’d/Jezus/Geest (van Licht, liefde en wijsheid) in de wereld als (ver)Licht(e) werkzaam te zijn met “de dingen die gedaan moeten worden” (mensen erkennen als kind én beeld van G’d, hen bevestigen/bemoedigen; ogen te openen voor de spirituele dimensie waarnaar Jezus Woorden verwezen als levensmotivatie; werken aan humanisering van arbeid, economie, leefomgeving…

  2. Ik vind de vergelijking met de missie van Sint-jozef Franciscus nogal vreemd. De heilige ging de sultan bezoeken om hem tot het christendom te bekeren, waardoor de kruistochten vanzelf beëindigd zouden worden. Hij stuurde zelf missionarissen naar Spanje om de Moren te bekeren. Die broeders deden dat door allerlei lelijke dingen over Mohammed te schreeuwen op de markt. Vanzelfsprekend moesten ze dit met folteringen en de dood bekopen. Wat de paus doet en van christenen verlangt, staat daar mijlenver van vandaan. Dat weet hij ongetwijfeld, maar ja, wie kent genoeg van geschiedenis om dat te zien?

  3. Marcel Poorthuis

    De ontmoeting van Franciscus met de sultan verdient aandachtige studie. dan blijkt dat Franciscus niet “bereid was tot het amrtelaarschap”, zoals de mystieke islamoloog en vurig atholiek Louis Massignon zegt, maar dat hij bereid was door het vuur te lopen EN ALS HIJ ONGEDEERD ZOU BLIJVEN, de waarheid van het christendom duidelijk zou zijn, ook voor de sultan. De wijze sultan ging niet op het aanbod in…..
    Het gaat dus niet om volmondige erkenning van de religieuze overtuiging van de ander. Daarvoor moeten we wachten tot die andere Franciscus, onze huidige paus.

    • Het lijkt me evident dat Franciscus van Assisi nog op de overtuigings- c.q. bekeringstour was: hij wilde de superioriteit van zijn eigen geloven aantonen en doen inzien m.b.v. controleerbare feiten. (Doet me overigens denken aan Jezus beproeving in de woestijn. [Mt. 4]) Paus Franciscus ging ogenschijnlijk verder, maar door niet publiekelijk uit te leggen waarop zijn erkenning van de islamitisch religieuze overtuiging in wezen berust, riep hij natuurnoodzakelijk vragen en twijfels op, plus weerstand enz. bij bepaalde mensen. (Deed de paus feitelijk – of minstens in schijn – echt geen afbreuk aan de betekenis en zinvolheid van het christendom resp. het katholicisme? En waarom dan niet? Dat zou toch uitgelegd moeten worden voor men de kritiek/protesten afkeurt!)
      Het blijft dus de vraag wat ook die door U genoemde “volmondige erkenning” (van de islamitische rel. overtuiging) door paus Franciscus nu echt betekent of inhoudt. Dat zouden we de paus moeten vragen, maar ook een godsdienstpsycholoog zou hier iets zinvols over kunnen én misschien wel moeten zeggen. Men zou het wezen van beide rel. overtuigingen, beider ‘wegen’ c.q. spir./psych. methode plus uitkomsten daarvoor bijv. naast elkaar kunnen leggen en de essentiële overeenkomsten aanwijzen. Tot nu toe heb ik dat niemand horen of zien doen, helaas. Ook Vaticanum II niet. Kan of durft men dat niet? Misschien kan U of een uwer geleerde collegae een poging wagen?!

Geef uw reactie

Uw emailadres wordt niet gepubliceerd.Verplichte velden zijn gemarkeerd *

 tekens beschikbaar

*