Home » Diversen » Gerommel in het aartsbisdom

Gerommel in het aartsbisdom

Utrecht webSinds kardinaal Eijk eind 2014 zijn toekomstplannen voor het aartsbisdom Utrecht ontvouwde, rommelt het in het aartsbisdom. Eijk verwacht komende jaren een groot aantal kerken noodgedwongen aan de eredienst te zullen moeten onttrekken. Van de ruim 300 kerken nu blijven er in 2028 nog slechts een 20-tal over. ‘Realistisch anticiperen op onafwendbare ontwikkelingen’, vindt de kardinaal zelf. ‘Koude sanering van bovenaf’, oordelen zijn critici. ‘Er komen nu eenmaal steeds minder gelovigen’, zegt Eijk. ‘Ook goed functionerende lokale geloofsgemeenschappen worden door de sanering getroffen’, menen zijn tegenstanders. Wie de discussie wil volgen op basis van informatie uit eerste hand kan de linken volgen naar diverse documenten in deze discussie op de site van Mariënburg, de vereniging van kritische katholieken. Daar wordt onder meer verwezen naar het visiestuk van kardinaal Eijk (Het geloof in Christus vieren en verbreiden); de kritische open brief van priester en emeritus hoogleraar theologie Jozef Wissink (De verwoesting van een bisdom; het masterplan van kardinaal Eijk); een reactie van het aartsbisdom; en het tweede zogenaamde ‘Professorenmanifest’.

Print Friendly, PDF & Email

5 reacties

  1. Het is wel erg gemakkelijk om met velen tegelijk over Wim Eijk heen te vallen. Zeker, hij communiceert niet zo goed, en begeestert ook niet direct. Maar hij is ook niet aangesteld als sociaal of opbouwwerker in het kielzog van de politiek en met de opdracht om de gaten in het beleid op te vullen met peptalk en actie. Hij is aangesteld om op een niveau dieper te werken: op psychologisch-spiritueel vlak. Voorwaarden scheppend om op christelijke wijze present te zijn in de samenleving. Door het contact via gebed, meditatie, studie en riten het contact met onze eigenlijke inspirator/geestelijk leider Jezus, de Christus, te bewerkstelligen en levend te houden. Je kunt immers pas iets scheppen als je eigen innerlijk (hoofd en hart samen) op orde hebt en houdt. Of je nu Jood of christen bent, in essentie is die identiteit NIET iets uiterlijks (besnijdenis, gebruiken, wet volgen) maar iets inwendigs, iets geestelijks: het vatten en vasthouden van de Geest van Liefde en intelligentie samen. Om dat te bewerkstelligen en herbronnen, daarvoor is Eijk aangesteld/geroepen. Mij dunkt dat we hem tijd en gelegenheid moeten geven om in die functie te groeien, en individuen tot bekering/omkeer te brengen middels echte spirituele, geestelijke, psychologische begeleiding. Met Missen, bisdomreisjes naar bedevaartsplaatsen i.c. Rome en of wat manipulatieve sensitivity trainingachtige bijeenkomsten die geloofsgemeenschappen zouden moeten versterken is de kerk immers nog nergens. Het moet gaan om individuele godsontmoeting in vrijheid. Elke andere begeestering vanuit Christus zal niet lang beklijven, omdat het mensen in afhankelijkheid houdt van ‘vaders’, ‘als dociele schapen van een herder’, volksmenner, manipulator. Helaas mis ik dit meest wezenlijke aspect van kerk-zijn in alle terechte kritiek, die daardoor achterhoedegevechten lijken, meer ingegeven door nostalgie plus behoudzucht, dan door uitkomst van bezinning op de basis van het christelijk geloven. En dat is jammer. Het verleden keert niet weer; staande op de schouders van onze voorgangers moeten we onze eigen conclusies trekken voor nu en morgen!

  2. Jac van Dam, er is iets mis met het “aartsbidsom”. Het sommetje eindigt met het verloren gaan van gemeenschappen van mensen die elkaar ontmoeten. Het beleid om per se een priester als bestuurder en voorganger te erkennen laat de andere gelovigen verloren lopen.

  3. Ik krijg net een seintje van boven. Het aartsbisdom Utrecht wordt opgeheven. De Nederlandse kerkprovincie gaat onder mgr. André Léonard vallen.

    Dat geeft rust

  4. In sommige berichtgeving, in de Volkskrant bijvoorbeeld, wordt van dit gerommel een bepaald beeld neergezet. Het lijkt dan alsof het gaat om intern gekrakeel tussen een krachtdadige bestuurder met visie en een groep mensen op afstand van de dagelijkse praktijk die niet onder ogen willen zien dat de situatie is veranderd t.o.v. jaren terug. Ook in de beeldvorming van de kritiek van Jozef Wissink lijkt het enkel te gaan om behoud van (inderdaad kleiner wordende) gemeenschappen met een eigen kerkplek. In het beleid van kardinaal Eijk staat echter ook voor de wereld iets op het spel. Ik heb dat in een ingezonden brief in de Volkskrant geprobeerd aan te geven (zie hieronder). Zou De Bezieling een verstandig iemand kunnen vragen wat uitgebreider in te gaan op wat bezielde en bezielende plaatselijke gemeenschappen van gelovigen (hoe klein ook) voor de wijk, het dorp, de stad kunnen betekenen en wat daarbij de rol en betekenis van samenkomen en samen (eucharistie/avondmaal) vieren kan zijn? Hieronder mijn ingezonden brief in de Volkskrant:

    “De aartsbisschop van Utrecht, kardinaal Eijk, maakt duidelijke keuzes. Hij organiseert de krimp van de kerk binnen het aartsbisdom in plaats van die op z’n beloop te laten. Hij besteedt geen geld aan wat niet in zijn eigen visie past. Hij focust de locale kerkelijke activiteiten op de kerntaken: het vieren van de eucharistie door de priester, de sacramentencatechese door de onbezoldigde catecheet en de bijstand voor noodlijdenden door de vrijwilligers van de PCI (Parochiële Caritasinstelling). Om het geloof in Christus te vieren en te verbreiden mikt hij op de fervente gelovigen. Een daadkrachtig bestuurder met een visie, dus. Maar geen geestelijk leider die inspireert, ook wie het niet bij voorbaat met hem eens is, die uitnodigt en verbindt. Geen herder die in gesprek gaat met mensen over waar zij mee worstelen of over in zitten. Geen pastor die weet dat hij voor mensen alleen wat kan betekenen als hij van hen ook wil leren. Geen bisschop dus eigenlijk van een kerk die kerk ín de wereld wil zijn, een kerk die Christus eert in de arme, de vluchteling, de kwetsbaar gemaakt medemens. En dat is jammer voor de wereld. We hebben een kerk nodig die voor de wereld, waartoe zij ook zelf behoort, van betekenis is in deze in allerlei opzichten moeilijke tijden. Niet een kerk die zich opsluit in zichzelf en Christus enkel eert in de heilige Hostie. We hebben daarvoor herders nodig die naar het open veld ruiken, niet naar wierook. Alleen zo kan de kerk iets betekenen voor de heelwording van de wereld.”

    Guus Timmerman, voormalig pastoraal werker

Geef uw reactie

Uw emailadres wordt niet gepubliceerd.Verplichte velden zijn gemarkeerd *

 tekens beschikbaar

*