bestnyescorts.com Manhattan Escorts girllookup.com Long Island Escorts
Home » Kijk- en luistertip » Nieuwe monastieke beweging – Millennials op zoek naar gemeenschapsvorming

Nieuwe monastieke beweging – Millennials op zoek naar gemeenschapsvorming

De monniken zijn terug, betoogt Rosaliene Israël. En wel in de gedaante van voornamelijk protestantse millennials die samen leven, bidden en gastvrijheid bieden in moderne stadskloosters en christelijke leefgemeenschappen. Waarom ontstaan deze leefgemeenschappen juist nu? Voor welke uitdagingen staan zij? En wat is hun plaats in het religieuze landschap?

Door Rosaliene Israël

Waarom voelen millennials (de generatie geboren tussen begin jaren tachtig en eind jaren negentig) zich aangesproken door nieuwe gemeenschapsvormen zoals stadskloosters en christelijke leefgemeenschappen? Wat is er aan de hand? Om zicht te krijgen op dit fenomeen, is het nodig uit te zoomen en wat er met name op het protestantse kerkelijke erf sinds enkele decennia gaande is.

Pioniersplekken

Het aantal kerkleden en kerkgangers neemt al jaren gestaag af en steeds minder mensen identificeren zich met christelijke geloofsopvattingen. Tegelijkertijd is er onverminderd behoefte aan zingeving en zoeken mensen naar vormen van spiritualiteit buiten de gebaande, institutioneel-kerkelijke paden. In reactie op deze ontwikkelingen heeft de Protestantse Kerk in Nederland (PKN) in 2012 besloten om geld vrij te maken om honderd ‘pioniersplekken’ te realiseren: experimentele vormen van kerk-zijn, gericht op populaties en sectoren van onze maatschappij, die van de kerk vervreemd zijn. Een groeiend aantal van deze initiatieven heeft ‘monastieke’ trekken. Denk aan ‘Bid in de binnenkamer’, een ‘klooster in the cloud’ met een online getijdengemeenschap en een virtueel klooster. Of neem ‘Nijkleaster”: een nieuwe monastieke gemeenschap rond een historisch kerkje op het Friese platteland, waar spirituele retraites en pelgrimages georganiseerd worden, geïnspireerd op de spiritualiteit van Iona (‘kloostereiland’ voor de kust van Schotland).[1]

Een specifieke vorm van deze opkomende monastieke initiatieven is die van de christelijke leefgemeenschap: een gemeenschap waar christenen wonen, beschikken over gemeenschappelijke leefruimten, vormgeven aan een gezamenlijk gebedsleven en gastvrijheid verlenen. Zo werden bijvoorbeeld in Amsterdam, waar ik bijna twintig jaar woon en werk, de afgelopen tien jaar bestaande hofjes en wijk- en kerkgebouwen omgevormd tot (diaconale) leefgemeenschappen verbonden aan de Protestantse Kerk Amsterdam (PKA), de Protestantse Diaconie Amsterdam, de Evangelisch-Lutherse Gemeente Amsterdam en Lutherse Diaconie Amsterdam. Deze leefgemeenschappen kenmerken zich door een gedeelde spiritualiteit of roeping, gastvrijheid in de vorm van tijdelijke opvang en betrokkenheid op hun directe omgeving. Voorbeelden hiervan zijn de Eltheto-gemeenschap (in Amsterdam-Oost), de Augustanahof en de Hugo de Groothof (beide in Amsterdam-West). Initiatieven die hand in hand gaan met de herwaardering van kerkgebouwen en kerkelijk vastgoed én andere vormen van christelijke presentie dan de ‘traditionele’ stedelijke (wijk)gemeente.

Lerende netwerken

Inmiddels maken deze leefgemeenschappen en de eerder genoemde monastieke initiatieven deel uit van de toekomstagenda van de genoemde Amsterdamse kerken en diaconieën en de landelijke PKN. Tevens verenigen deze nieuwe gemeenschapsvormen in ‘lerende netwerken’:  Zo richtte de PKN een landelijk netwerk monastieke initiatieven op. Recentelijk werd de oecumenische Vereniging van Nederlandse Religieuze Leefgemeenschappen opgericht. En in de Amsterdamse context organiseert de Protestantse Diaconie stedelijke netwerkontmoetingen voor de leefgemeenschappen en ondersteunt de Protestantse Kerk Amsterdam deze groepen door budget vrij te maken voor advisering en begeleiding.

De interesse voor nieuwe gemeenschapsvormen die losjes geïnspireerd zijn op monastieke spiritualiteit is er trouwens niet alleen binnen de PKN, maar in de breedte van de protestantse wereld. Dan denk ik bijvoorbeeld aan Ki Tov (in Utrecht, in een pand van de Fraters van Tilburg): een gemeenschap geïnspireerd door de spiritualiteit van Taizé. En aan het Kleiklooster (in Amsterdam Zuid-Oost): geïnspireerd door de benedictijnse spiritualiteit. Inmiddels is het begrip ‘nieuwe monastieke beweging’ gemeengoed in het protestantse taalveld.

Deze terminologie hebben we te danken aan de Amerikaanse publicist Shane Claiborne, die met vrienden een gastvrije gemeenschap stichtte, geraakt als hij was door de maatschappelijke problemen in zijn stad en aangestoken door de monastieke idealen van Benedictus en Franciscus. Dit initiatief groeide uit tot een beweging van gemeenschappen, die ‘new monasticism’ wordt genoemd. Gemeenschappelijke delers van de aan deze beweging gelieerde initiatieven zijn: de focus op een vreedzaam, contemplatief en ‘geordend’ leven, gastvrijheid ten opzichte van vreemdelingen en ecologisch bewustzijn.[2] Claibornes ideeën inspireren de van oorsprong orthodox-protestantse millennials in Nederland, die we terugvinden onder de bewoners en initiatiefnemers van stadskloosters en christelijke leefgemeenschappen.

Waarom nu?

Ik denk dat de groeiende interesse in de hierboven beschreven nieuwe monastieke gemeenschapsvormen een antwoord is op een aantal in elkaar grijpende godsdienstsociologische ontwikkelingen en maatschappelijke factoren. Ik noem er twee:

De eerste wordt gevormd door de spirituele ontwikkeling en behoefte van een nieuwe generatie. Uit onderzoek blijkt dat – anders dan populaire secularisatietheorieën voorspelden – jonge (met name protestantse) christenen ‘religieuzer’ zijn dan hun voorgangers. Onder de bewoners van de Amsterdamse leefgemeenschappen zijn veel millennials met een protestantse achtergrond, die een ‘degelijke’ christelijke opvoeding hebben meegekregen en sterk kerkelijk gesocialiseerd zijn. Echter, de manier waarop hun ouders en grootouders hun geloof beleefden, voldoet voor hen niet meer. Dus zoeken twintigers en dertigers naar betekenisvolle manieren om hun spiritualiteit in het dagelijkse leven vorm te geven. Opvallend, maar gezien het voorgaande niet helemaal verwonderlijk, is dat een deel van de nieuwe initiatieven oecumenisch-protestants van aard zijn en zich geïnspireerd weten door de volle breedte van de christelijke traditie.

Johannes van den Akker, oprichter en abt van het Kleiklooster en de bij het klooster horende bierbrouwerij Kleiburg in Amsterdam Zuid-Oost, zegt hierover: “Het idee ‘jongeren willen zich niet binden’ – wat vaak gebezigd wordt als excuus voor het feit dat er weinig jongeren in de kerk zijn – is te simpel als je ziet hoeveel animo er juist bij jongeren is om te gaan wonen in dergelijke gemeenschappen”. In toenemende mate voelen jongeren zich aangetrokken door gemeenschappen die zich richten op onderlinge verbondenheid en groepsvorming. Groepen waar wederzijdse morele oriëntatie geboden wordt en ruimte is voor emoties en direct contact met het goddelijke.[3] Allemaal factoren die terugkomen in de gemeenschapsvorm van leefgemeenschappen, maar ook in bredere zin in de eerdergenoemde pioniersplekken.

“Het idee ‘jongeren willen zich niet binden’ is te simpel als je ziet hoeveel animo er juist bij jongeren is om te gaan wonen in dergelijke gemeenschappen”

Kenmerken de leefgemeenschappen zich vanwege hun aard door een tamelijk intensieve gemeenschapsvorm qua tijdsinvestering en dagelijks commitment – er wordt praktisch samengewoond, en niet alleen idealen maar ook ruimte en tijd worden met elkaar gedeeld –, andere initiatieven en pioniersplekken gericht op millennials zijn meer fluïde en opgebouwd volgens een netwerkstructuur. Een voorbeeld hiervan is Holy Hub, een pioniersplek van de Protestantse Kerk Amsterdam in de vorm van een zingevend social media-netwerk voor twintigers en dertigers rond levensvragen en -thema’s. Niet alleen de christelijke traditie, maar ook verwante andere religieuze, filosofische en kunstzinnige invalshoeken dienen als inspiratiebron voor posts op sociale media, online en real life events, interviews, filmpjes en achtergrondartikelen.

De tweede factor die een rol speelt in de groeiende interesse in gemeenschapsleven en andere monastieke initiatieven, is de maatschappelijke context waarbinnen deze nieuwe gemeenschapsvormen zich ontwikkelen. De combinatie van het betekenisverlies van institutionele kerken en grote maatschappelijke uitdagingen – denk aan de vluchtelingenproblematiek, de economische crisis, klimaatverandering en, meer recentelijk, de coronacrisis – leidt ertoe dat de nieuwe generatie zich ook concreet wil inzetten in haar omgeving, en zoekt naar een alternatieve, vreedzame en duurzame manier van leven.

Frank Mulder, die geïnspireerd door de eerder genoemde Claiborne en zijn nieuwe monastiek de Overhoop-gemeenschap stichtte in de Utrechtse achterstandswijk Overvecht, verwoordt het waarom achter zijn gemeenschap dan ook heel treffend:

De wereld verandert snel. Vaste kaders verdwijnen, zowel op moreel als op economisch gebied. Gemeenschappen worden zwakker en mensen moeten steeds meer als individu hun leven vormgeven. Vooral voor mensen aan de onderkant is dat moeilijk, maar ook voor high potentials is het vaak niet meer helder waar je nu voor leeft. Wat betekent het in deze setting concreet om Gods koninkrijk te zoeken, om samen kerk te zijn, om als familie van God iets te laten zien van de nieuwe wereld die gaat komen? Dat kan niet in je eentje. Daarom is het belangrijk om nieuwe gemeenschappen op te richten waar een andere manier van leven centraal staat, een leven van liefde en vrede, gebed en gastvrijheid.

“Wat betekent het concreet om Gods koninkrijk te zoeken, iets te laten zien van de nieuwe wereld die komen gaat? Dat kan je niet in je eentje”

In een complexe en veranderende wereld, in een samenleving die gekleurd wordt door grote maatschappelijke uitdagingen zoeken jonge mensen naar betekenis en de praktische vertaling van hun idealen. Naast fluïde, inspirerende netwerken zoals Holy Hub, vindt een deel van de christelijke millennials die in de met name stedelijke stadskloosters en leefgemeenschappen. De ervaring leert dat je samen meer kunt dan in je eentje. Zowel als het gaat om het vormgeven van een alternatieve en duurzame manier van leven, als om gebed en gastvrijheid. Dat blijkt bijvoorbeeld uit de podcast over leefgemeenschappen die de firma ‘Hoe dan wel’,  op initiatief van de Protestantse Diaconie Amsterdam, ontwikkeld heeft. In deze podcast gaat een expert in gesprek met twee bewoners van leefgemeenschappen over thema’s als grenzen aan de gastvrijheid of de (on)mogelijkheid rond kinderen in een gemeenschap.

Wat zijn de uitdagingen?

Wat zijn de uitdagingen voor de nabije toekomst? Ik verwacht dat het aantal stadskloosters en christelijke leefgemeenschappen nog zal groeien. En het lijkt me dus relevant om hun spiritualiteit, manier van leven en bijdrage aan de samenleving nauwkeuriger in beeld te brengen. Ik hoop dat dat ook leidt tot reflectie binnen de institutionele kerken. Wat zegt de aantrekkingskracht van deze gemeenschappen over de kerk, haar spiritualiteit en missie in de wereld en de manier waarop zij die vormgeeft?

De intensieve manier van samenleven in een christelijke gemeenschap en alle dagelijkse en intermenselijke strubbelingen maken het gemeenschapsleven ook tot een kwetsbare onderneming. Het is dan ook van levensbelang voor gemeenschappen om netwerken te ontwikkelen waarbinnen good practices worden gedeeld en spirituele bemoediging en begeleiding geboden wordt. Dat is een van de doelstellingen van de recentelijk opgerichte Vereniging van Religieuze Leefgemeenschappen, een netwerk dat de potentie heeft om uitgebouwd te worden tot een leer- en expertisenetwerk van gemeenschappen.

Maar ik denk dat het ook goed en nodig is dat traditionele religieuze gemeenschappen, kloosters en congregaties en de nieuwe christelijke leefgemeenschappen elkaar over en weer ontmoeten. Dat gebeurt al op individuele basis, maar hoe mooi zou het zijn als eeuwen- en decennialange ervaring met langdurig commitment, inwijding in geordend leven, de relatie tussen kerk en klooster, spirituele begeleiding, dagelijks gebed en gastvrijheid op grotere schaal en reguliere basis uitgewisseld zou worden met de nieuwe leefgemeenschappen?

In algemene zin zoekt een nieuwe generatie naar sociale verbanden, duurzame manieren van bouwen en leven

Daarnaast hebben de godsdienstsociologische en maatschappelijke factoren die verband houden met het ontstaan van nieuwe christelijke gemeenschapsvormen, een veel bredere strekking. In algemene zin zoekt een nieuwe generatie naar sociale verbanden, duurzame manieren van bouwen en leven, en netwerken waarin kennis, kunde en inspiratie daartoe gedeeld worden. Diegenen die een christelijke achtergrond hebben, beperken zich daarbij allang niet meer tot ‘traditionele’ christelijke spiritualiteit en zingeving. Zij bewegen zich gemakkelijk in verschillende netwerken: ze wonen in een christelijke leefgemeenschap, gaan een paar keer per jaar op retraite in kloosters, zijn fervent beoefenaars van yoga en mindfulness en vaste bezoekers van bijeenkomsten van The School of Life: het humanistisch-filosofische netwerk voor levenskunst, opgericht door filosoof Alain de Botton.

Gigantische uitdaging

De monniken zijn terug. Ze zien er een beetje anders uit, en ja, ze zijn voor een groot deel (oorspronkelijk) protestants. Maar ze weten zich – dat durf ik wel te stellen – zonder uitzondering geïnspireerd door het traditionele religieuze leven. Ze staan voor de gigantische uitdaging om een nieuwe vorm van religieus leven in de praktijk te brengen en zijn bereid om daar lijf en leden, ziel en zaligheid aan te verbinden. En hun behoefte aan inspirerende voorbeelden en betrokken ervaringsdeskundigen is groot. Daarom hoop ik van harte dat er zich een wijdvertakt netwerk zal ontwikkelen van oudere en nieuwe vormen van christelijk gemeenschapsleven en monastieke spiritualiteit. Ik hoop dat deze bijdrage daar een positieve impuls aan zal geven.

—————————

[1] Voor info over de spiritualiteit van Iona: www. iona.org.uk

[2] Omschreven in 12 Marks of a New Monasticism, Wilson-Hartgrove, 2005, xii-xiii.

[3] De Hart, 2014, 66-67; Maffesoli, 1996, 83-84.

Rosaliene Israël (1977) studeerde Godgeleerdheid aan de Universiteit Utrecht en volgde de opleiding tot predikant van de Protestantse Kerk Nederland. Zij is predikant-scriba van de Protestantse Kerk Amsterdam en doet onderzoek naar christelijke leefgemeenschappen aan de Protestantse Theologische Universiteit. Daarnaast geeft zij advies en begeleiding aan leefgemeenschappen in diverse stadia van hun bestaan. Zij woonde zeventien jaar in een christelijke leefgemeenschap op de Wallen in Amsterdam. Sinds twee jaar woont Rosaliene met haar gezin in de Bijlmer, waar zij zich oriënteert op het starten van een nieuwe gemeenschappelijke woonvorm.

rosaliene.israel@gmail.com

Bron: Tijdschrift voor Geestelijk Levennr. 2021/1, themanummer:  Christelijke gemeenschappen. Werken aan netwerken.

Voor verdere informatie over TGL zie www.tgl.be. Besteladres Nederland: ahmmetz1941@kpnmail.nl. Besteladres België: abonnementenTGL@kerknet.be. Kosten per los nummer: € 8,50 plus verzendkosten.

 

 

 

 

 

Print Friendly, PDF & Email

Geef uw reactie

Uw emailadres wordt niet gepubliceerd.Verplichte velden zijn gemarkeerd *

 tekens beschikbaar

*


Frilco Philippines Corporation Hazardous Waste Transport Laguna clickonetic best photobooth photo-coverage laguna Free themes elementor pro web services web development