Home » Cultuur » Oefening voor het Leven

Oefening voor het Leven

De samenleving is tot stilstand gekomen. Niet in het minst de culturele sector. Gelukkig hebben we onze ‘media’. Maar laten we ons mediaal bemiddelde cultuurmaal niet hap-slik-weg verorberen, zegt Eric Corsius. Laten we er een oefening voor het Leven van maken: als je een boek ter hand neemt of een cd in de speler legt, doof dan eerst het zaallicht in je hoofd, leg het drukdoenerige denken het zwijgen op, houd je adem in: “en pas dan op ‘play’ drukken of het boek openslaan.” 

Door Eric Corsius

De samenleving is op dit moment een trein die is gestopt in een open landschap. Iemand heeft getrokken aan de noodrem en zo staan we sinds geruime tijd stil, te midden van sloten en weilanden, waar herkauwende koeien ons verbaasd aankijken. Eerst waren we verbaasd, daarna gelaten, maar geleidelijk worden we prikkelbaar. De gevoelstemperatuur loopt op. Dat de conducteurs steeds nieuwe instructies geven, de ene nog strenger dan de andere, maakt de sfeer er niet beter op.

De samenleving staat stil. Scholen, bedrijven en instellingen sluiten zoveel mogelijk de deuren. Contacten worden tot het minimale beperkt. Werk, vermaak en gezelligheid gaan met hindernissen gepaard – om van het historisch ongehoorde verbod op kerkdiensten maar te zwijgen. Ook de culturele sector wordt heftig geraakt. Zelf woon ik in een streek met een weelderig aanbod op het gebied van kunst en cultuur: musea voor hedendaagse kunst, veelal gevestigd in monumenten van industrieel erfgoed; grotere en kleinere podia, concertzalen en theaters, zowel voor de klassieke en populaire mainstream als voor zonderlinge niches; innovatieve of tradities koesterende festivals; meerdere orkesten en operahuizen.

Overal hangt nu een bordje met ‘gesloten’ aan de voordeur. Alles is afgelast.

Media

Gelukkig echter leven we in de tijd van de media. Acteurs en musici ‘streamen’ zichzelf dat het een lieve lust is. En als de digitale netwerken straks door hun hoeven zakken, hebben we hopelijk nog gewoon elektriciteit en kunnen we cd’s, dvd’s en grammofoonplaten draaien. En de dagen worden inmiddels langer, zodat we in elk geval nog romans en gedichten kunnen lezen en kunstboeken doorbladeren. Laten we dus maar in de huiskamer ons Beethoven- of Hölderlin-jubileum vieren. Of met huisgenoten samen musiceren of elkaar verhalen vertellen. Wie of wat belet ons dat?

Ingehouden adem

Helemaal bevredigt me deze ‘oplossing’ echter niet. Al heb ik cd’s met topuitvoeringen van klassieke werken – om maar een voorbeeld te noemen: ik kan en wil niet helemaal zonder live-uitvoeringen, ook als ze van mindere kwaliteit zijn. En hoe fraai de fotoreproducties in mijn kunstboeken en hoe scherp de beelden van de museumwebsites ook zijn: ik mis het museum zelf, zoals ik de concertzaal en de schouwburg mis. Ik mis het geroezemoes en gekuch, het respectvolle fluisteren en zwijgen, het ruisen van het toneeldoek, het schuifelen en schrijden door gangen en zalen, het horen vallen van een speld. Ik mis de ingehouden adem, het publiek dat zich als de God van de Kabbala terugtrekt in zichzelf, om ruimte te maken voor het scheppingsproces dat zich voor zijn oren en ogen gaat voltrekken. Dat is allemaal toch iets anders dan in het wilde weg, hap-slik-weg draaien van cd’s.

Maar dat laatste is natuurlijk niet het enige alternatief. Er zijn nu mensen die hun restaurantbezoek missen en daarvoor in de plaats thuis een gastronomische sfeer creëren, met alle rituelen die daarbij horen. Misschien moet ik iets vergelijkbaars doen, als ik een boek ter hand neem of een cd in de speler leg: het zaallicht in mijn hoofd dimmen, mijn drukdoenerige denken het zwijgen opleggen, mijn adem inhouden – en pas dan op ‘play’ drukken of het boek openslaan.

Minder hijgerig

Dit ook is een goede oefening voor het Leven. Je adem inhouden en proberen een speld te horen vallen: het ‘traint’ ons misschien, om wat minder hijgerig en paniekerig te reageren als ons dingen overkomen. En om sluipende processen, die geruisloos op microniveau beginnen, maar ons op macroniveau overweldigen, eerder op te merken. Misschien niet op tijd, om ze te voorkomen, maar wel zo vroeg, dat we er nog bezonnen op kunnen reageren.

 

 

Print Friendly, PDF & Email

Geef uw reactie

Uw emailadres wordt niet gepubliceerd.Verplichte velden zijn gemarkeerd *

 tekens beschikbaar

*