Home » Daders en slachtoffers » Wie zonder zonde is werpe de eerste steen

Wie zonder zonde is werpe de eerste steen

Seksueel misbruik is afschuwelijk. Maar moeten we daders echt elk perspectief ontnemen? Dat vraagt Gerard Zuidberg zich af naar aanleiding van de berichtgeving dat bisschop Bluyssen seksueel misbruik zou hebben gepleegd. Zuidberg wil niets afdoen aan het leed van de slachtoffers, maar als vertrouwenspersoon maakt hij ook telkens mee in welk een ontstellend isolement de daders terechtkomen.

Door Gerard Zuidberg

Het was weer schrikken: een bericht in Trouw met commentaar van Stijn Fens over beweerd misbruik door Bisschop Bluyssen (Trouw, 8 augustus). Maar ik schrok des te meer bij de vetgedrukte tekst: “In zeventien minuten is Bluyssens hele reputatie in de modder terechtgekomen”. Het gaat me steeds meer tegenstaan dat mensen – wie het ook zijn: priesters, bisschoppen, predikanten, dirigenten, kosters – die mogelijk ooit een misstap hebben begaan (soms één keer, soms meermalen) plotseling zonder enig pardon uitgekotst worden. Wat je verder ook aan prima dingen gedaan hebt in je leven, wordt plotseling naar de achtergrond geschoven, telt niet meer mee.

Isolement

Versta me goed: ik wil niets, maar dan ook niets afdoen aan het leed van slachtoffers van seksueel misbruik. Wie ben ik dat ik daar hoe dan ook afstand van zou kunnen en willen nemen!

Mijn reactie op het bericht over bisschop Bluyssen heeft te maken met mijn jarenlange ervaring in het persoonlijk contact met ex-collegapastores en predikanten die wegens bewezen misbruik gestraft zijn: schorsing ui het ambt, op non-actief gesteld, soms jarenlange gevangenis of tbs. Ik sta telkens weer versteld van het isolement waarin deze mensen terecht gekomen zijn. Er is weinig of geen persoonlijke zorg vanuit de leiding van de kerken. Ik hoor nog kardinaal Eijk met verheffing van zijn stem zeggen: “We zullen het met wortel en tak uitroeien.” Nou, dat lukt volkomen als het over deze mensen gaat. Ze zijn nergens meer, en er ontbreekt elk perspectief om nog iets te kunnen betekenen voor anderen. Het verhaal over het misdrijf duikt telkens weer op, zodra er enige kans bestaat op een nieuw perspectief. Eens dief, altijd dief…

Zonder smet

Bij het bericht over bisschop Bluyssen vraag ik me af: wie van ons die dit bericht horen of lezen, is echt zonder smet? Ik denk wel eens: zouden alle mannen, gehuwd of ongehuwd, die aan de rand staan en met de vinger wijzen, zelf seksueel zo zuiver op de graat zijn? Is er dan geen enkel moment in hun leven waarin zij op subtiele manieren misbruik hebben gemaakt van kwetsbare mensen? Is alles in orde wanneer het gaat om het vertrouwen dat kwetsbare mensen opbrengen? Kortom: wie niet? Wie wel? Laat de eerste opstaan en getuigenis geven van een volstrekt eerlijke en integere manier van leven en werken. Wie zonder zonde is, werpe de eerste steen…

Autoritair gedrag

Waarom haalt een bericht over seksueel misbruik telkens weer de hoofdpagina’s van nieuwsbladen? Waarom geen of weinig berichten over autoritair gedrag, minachting voor gewone kwetsbare mensen? Daarmee bedoel ik misdragingen die niet onmiddellijk te maken hebben met seksueel misbruik. Als het inderdaad waar is dat bisschop Bluyssen misbruik heeft gepleegd, dan moet er recht geschieden, vooral ten aanzien van het slachtoffer. Maar laten we daarna even een pauze in acht nemen en met elkaar kijken of en hoe deze smet op de ‘reputatie’ van bisschop Bluyssen een reden is om zijn persoon en alles wat hij verder in zijn leven betekend heeft voor anderen, in de modder te gooien. Ik dank Stijn Fens en Ton van Schaik voor hun reële en eerlijke manier waarop zij met de berichten omgaan.

 

Gerard Zuidberg, redactielid van de Bezieling, is emeritus pastor en vertrouwenspersoon voor collega’s die misbruik hebben gepleegd. Deze opiniebijdrage verscheen eerder in Trouw, 17 augustus 2015.

 

 

 

Print Friendly, PDF & Email

7 reacties

  1. Yosé Hohne-Sparborth

    In een van de reacties op Zuidberg wordt nu het celibaat aangehaald in relatie tot kindermisbruik. Ja, er moet naar dat celibaat gekeken worden. Nee, dat heeft geen relatie met het kindermisbruik. Het heeft geen directe relatie met kindermisbruik. Mannen die het celibaat niet volhouden omdat ze toch een vrouw willen, die gaan gewoon een vrouw zoeken. Het is onzin om te denken dat ze dan naar kinderen uitwijken. En we weten allemaal dat op behoorlijk ruime schaal van dergelijke mogelijkheid gebruik wordt gemaakt door priesters.
    Dat brengt me bij dat, „Ja, moet naar gekeken worden”.
    Het verplichte ambtscelibaat creëert een wereld met o.a. twee zwakten die relaties kunnen hebben met het misbruik en het wegkijken bij misbruik. De wereld van de gedwongen celibataire ambtsdragers: de ene kant is, dat een dergelijke wereld juist aantrekkelijk kan zijn voor mannen die min of meer latent of onbewust pedofiel zijn.
    De andere kant is, dat een wereld van verplicht celibatairen, die voor een deel dan toch stiekum relaties met een vrouw hebben, een milieu van geheimhouding en chantage creëert: „Als jij mij verraadt, dan weet ik nog iets van jou!”. Zeker kan dat mee een rol gespeeld hebben bij sommige verantwoordelijken die niet reageerden.
    Maar uiteindelijk mogen we niet onderschatten hoe sterk de omringende maatschappelijke neiging is en tot 1990 ongeveer was om weg te kijken. Ik heb het dan niet over de misbruikplegers, die weten allemaal dat ze iets deden wat niet kan. Maar over de verantwoordelijken, die het afdeden met verplaatsen van de persoon. Tot op heden is het denken toch, dat het gaat om incidenten. Die nu dan wel de krant halen, dat is ergens in de jaren negentig gekomen. De hele maatschappij bagatelliseerde seksueel geweld tegen kinderen tot die tijd, dus eis niet achteraf van kerkelijke verantwoordelijken dat zij wel hadden moeten weten hoe ernstig de schade aan kinderen is.
    Persoonlijk vind ik dat het hoog tijd wordt, dat bij alle kerkelijke morele spreken er structureel aandacht komt voor het feit dat zo veel mannen niet weten om te gaan met hun testosteron; dat we wereldwijd leven met ‚culturen’ die testosteronjongetjes stimuleren en aanmoedigen. Het schijnt moeilijk te zijn om met testosteron goed om te gaan, zeker in combinatie met adrenaline. Maar bestaat er maatschappelijk enige richtlijn hoe je jongetjes dat leert? Integendeel dus. Daarover preken met regelmaat, dat mis ik nou. Bij mijn weten de enige maal dat Paus Johannes Paulus II sprak over verkrachting, was in een brief aan de vrouwen in Peking verenigd (1995) om in 9 regels uit te leggen dat ook na verkrachting abortus niet mag. Dit nadat hij in 129 regels had uitgelegd waarom vrouwen toch geen priester kunnen worden. Juist zolang de hiërarchie een manneninstituut wil zijn, zou ze op het punt van structureel mannengedrag tegenover vrouwen en kinderen zeer veel vaker van zich moeten laten horen. Zij zou als kernstuk in haar leer moeten vertellen aan mannen hoe je testosteron en adrenaline zodanig reguleert, dat Gods liefde ook door jou als mannenpersoon nog ervaarbaar wordt.

  2. Het bericht over mgr. Bluyssen heeft me geschokt. Toch is het gevaarlijk om wegens de grote sympathie ten aanzien van mgr. Bluyssen met het verhaal van de eerste steen aan te komen.
    Inderdaad, gaan we het strafrecht af schaffen? De “gedoogcultuur” heeft al veel ellende gebracht.
    Het zoeken naar een harmonisch evenwicht tussen gerechtigheid en barmhartigheid blijft een moeizame opgaaf.

  3. Al 15 jaar verkondig ik mijn visie indeze : Het celibaat moet afgeschaft worden, want dit is een onnatuurlijke opgave die men zeker niet dwingend kan opleggen. Dat wil niet zeggen dat het probleem dan opgelost is, nee want wij blijven allemaal zondige mensen maar ik weet zeker dat het een stuk minder zal worden. Hub.

    • Grote waardering voor het genuanceerde pleidooi van Gerard Zuidberg!

      Misplaatst vond ik daarentegen de onchristelijke reactie van Marcel Poorthuis,
      die als katholiek theoloog toch van naastenliefde gehoord moet hebben.

      Met Huub Eussen meen ik al langer dan 15 jaar dat de celibaats-verplichting oorzaak
      is van veel ellende onder priesters èn van de terugloop van het aantal roepingen;
      het celibaat als vrijwillige keuze hoeft m.i. niet te worden afgeschaft!

  4. Yosé Höhne-Sparborth

    Ik begrijp Zuidberg. In principe ben ik het ook met hem eens. Maar ik zou toch enige nuance willen aanbrengen.

    Die gaat vier zijden op:
    – Enerzijds vind ik het snelle afschrijven dat nu gebeurt gewoon te goedkoop van een samenleving die heel lang heen keek langs alle signalen uit de samenleving dat er veel misbruik is. En nog steeds doet alsof we met incidenten te maken hebben. En alsof het specifiek ambtsdragers zou betreffen.
    – Ik vind misbruik door ambtsdragers dan nog wel een hoofdstuk apart, omdat Gods macht toch wel erg aan het ambt werd gekoppeld… Dus de ambtsvisie moet eens doorgeschoffeld worden.
    – Anderzijds is er eerder nog dan deze zorg van Zuidberg nodig, dat de samenleving, en dan mannen voorop, eindelijk eens inzien dat er iets heel fundamenteel mis is met de wijze waarop mannen worden grootgebracht: wereldwijd is seksueel misbruik en geweld tegen vrouwen en kinderen namelijk van een epidemische omvang, en men blijft maar doen alsof er telkens incidenten zijn.
    In de culturen deugt er dus iets niet. In Duitsland liggen er wekelijks 2 kinderen bij een patholoog op tafel. Frankrijk idem. Velen meer in het ziekenhuis. In Nederland ‘valt een op de tien vrouwen van de trap’ (politiecijfer 1998). Inmiddels wordt het overal erger. In Nicaragua werd 1999 geconstateerd dat 50 % van de vrouwen leed aan huiselijk geweld; eerste onderzoek wees naar 35 % incest… Andere landen ginds nog erger. Dus, mannen die zich met (seksueel) geweld vergrijpen, dat zou wel een hoofdthema mogen worden voor enige jaren.
    – En het punt van wegkijken door verantwoordelijken, dat is een hypocriete hype geweest. Iedereen keek en kijkt weg. Eind 1987 dachten zelfs deskundigen nog dat ze meisjes slachtoffer na enige tijd zouden moeten gaan aanspreken op hun eigen verantwoordelijkheid in het misbruik!

  5. Marcel Poorthuis (professor at the CATHOLIC THEOLOGICAL FACULTY UNIVERSITY OF TILBURG).

    Een zeldzaam misplaatste reactie van pastor Gerard Zuidberg op het gerucht of feit van seksueel misbruik door mgr. Bluyssen. De vergelijking met gevallen in zijn pastoraat is onjuist: deze mensen leven nog en ondergaan d e gevolgen van hun misstap. Wellicht hebben ze zelf hun fout aangekaart: dat verdient bij alle afkeer enige waardering. Dat is bij Bluyssen allemaal niet het geval: hij heeft tijdens zijn leven (als de zaak op waarheid berust) niets gedaan om het slachtoffer alsnog om excuses te vragen.
    Het gaat hier om een daad die sowieso tot het strafrecht behoort; vanwaar dan die retoriek over wie zonder zonde is werpe de eerste steen? Gaan we het strafrecht ook afschaffen?
    En vanwaar die veeg uit de pan naar kardinaal Eijk die het misbruik met wortel en tak wil uitroeien? Past hier dan soms lankmoedigheid namens de kerk? Naast het slachtoffer staan is het enige dat geboden is, geen begrip voor de dader graag! Anders krijgt het slachtoffer uiteindelijk nog de schuld toegeschoven: “kun je niet wat meer begrip tonen”?

    Marcel Poorthuis

  6. We weten niets van de aard van het grensoverschrijdend gedrag. In een wereld van kinderporno, vrouwenhandel wordt elke aanraking al nieuws. De mate van de misdragingen (aantallen en aard van de daden) van de komieken van de BBC en meerdere Britse politici e.a. is bekend. Katholieke instellingen en personen zijn zeker niet de enige. De pers informeert bijna dagelijks over huiselijk geweld. In sommige delen van de wereld wordt het misbruiken van kinderen (ook als arbeiderskrachten) beschouwd als de normaalste zaak. Mannen zijn niet schuldig, als vrouwen aantrekkelijk zijn. Waarom is hun persoonlijke leven en hun collectieve cultuur niet verder ontwikkeld dan aanranden en zelfs verkrachten én dat nog goedpraten en zelfs verwijten aan de vrouwen. En wat beleven lezers van die berichten? Allemaal oprechte afkeuring? Van meer dan zestienjaar misdienaarschap, R.K. VWO incl. kleinseminarie, vijf kloosterjaren en kennismaking met vele andere priesters en broeders, ook in verband met geschiedschrijving ken ik alleen goede mensen. Hoogstens is er wat afstandelijkheid die wat losser mag zijn, maar dat is mijn eigen gebrek. Dat is echter nauwelijks aan kerk of orde te wijten. De hele maatschappij, minstens in Nederland, had de burgerlijke cultuur. De R.K. sector was daar een onderdeel van. Pas in de jaren na 1950 kwam er omslag. Het R.K. element verdwijnt gestaag uit het publieke leven, zeker scholen en internaten. Het misbruik overal, maar voor in gezin en familie, lijkt te groeiend.

Geef uw reactie

Uw emailadres wordt niet gepubliceerd.Verplichte velden zijn gemarkeerd *

 tekens beschikbaar

*